In dit verhaal deel één van de meest impactvolle, richtinggevende gebeurtenissen uit mijn leven. Uiteindelijk leidde dat life event (want zo voelde het echt) tot het schrijven van mijn boek ‘Stand out & shine. A practical guide to fearless authenticity and self-trust’.
Ik vind investeren in mijn ontwikkeling belangrijk. Dus ik ga regelmatig naar trainingen, cursussen en workshops. Zo zat ik in 2024 vier dagen in München bij een internationale training over leadership en marketing, samen met zo’n 400 mensen uit allerlei landen. Alleen dat gegeven al was licht intimiderend.
Vooraf kregen we een opdracht: kies een muziekfragment van 90 seconden van je favoriete nummer en neem een outfit mee die daarbij past. Ik koos voor Let’s Go van Calvin Harris. Niet omdat het me diep emotioneel raakt, maar omdat het mijn activeert en moed geeft. Zo’n nummer dat zegt: kom op, niet zeuren, gáán. Vooral handig als ik ergens tegenop zie.
De outfit vond ik ingewikkelder. Eerst dacht ik aan fitnesskleding, maar dat vond ik te saai. Dus ik gaf het een jaren tachtig vibe: paarse legging, badpak erover, zweetband om mijn hoofd, slobsokken. Als je dan toch gaat, kun je net zo goed meteen een beetje fout gaan.
Op de tweede dag hoorden we dat de volgende avond in het teken zou staan van outrageousness. Oftewel: sociaal onacceptabel gedrag. Sociaal: prima. Gedrag: ook prima. Maar dat stukje “onacceptabel” maakte me toch wat nerveus. Wat verwachtten ze precies van ons? En nog belangrijker: wat zou er bij míj ontstaan?
Soms bevatten de eenvoudigste momenten de diepste wijsheid. Laat je gedachten tot rust komen, en helderheid zal je vinden. Gebruik deze citatieruimte om iets inspirerends of reflectiefs te delen, perfect afgestemd op het thema van je artikel.
We zouden één voor één negentig seconden het podium op gaan, op ons eigen nummer. Met microfoon. En het idee was dat we niet alleen zouden bewegen, maar ook geluid zouden maken. We moesten ons outrageous gedragen. Tegen die tijd had ik al natte oksels.
De trainer vertelde dat hij dit soort avonden al jaren organiseerde en werkelijk alles had gezien. Vervolgens vertelde hij over een vrouw die ooit meedeed: ernstig overgewicht, moeite met bewegen, de hele dag een ventilatortje bij zich. Toen zij op het podium stond, droeg ze een groot wit gewaad. Ze zong een operanummer, vals. De zaal gniffelde. Tot ze aan het eind van haar optreden haar gewaad openscheurde en naakt bleek te zijn. Ze had een dubbele borstamputatie ondergaan.
Er volgde een doodse stilte. Op dat moment besefte iedereen dat deze avond niet ging over gek doen om het gek doen. Dit ging over iets veel diepers. Over wat je laat zien. Over wat je verbergt. Over waar schaamte nog de baas is. Over heling, ook als een ander niet begrijpt wat hij ziet.
En ik? Ik voelde het zweet inmiddels in mijn bilnaad staan.
Ik was ingedeeld op de eerste avond. Onze groep van 400 mensen werd verdeeld over drie zalen, dus ik stond uiteindelijk voor ongeveer 130 man. Niet dat dat mijn zenuwen veel hielp. Ik was gelukkig niet als eerste, dus ik kon de kunst nog een beetje afkijken. Tot mijn naam werd omgeroepen.
Ik liep het podium op met een mix van enthousiasme en doodsangst. De muziek begon. Ik ging bewegen, zingen, loskomen. Het publiek juichte hard, zoals ze dat voor iedereen deden. Langzaam zakte ik meer in mijn lijf. Ik gaf me over aan de beat. En toen kwam er iets op: de drang om te schreeuwen. Te gillen. Om alles eruit te gooien.
Dus dat deed ik. Voluit. Vanuit mijn tenen. En toen gebeurde er iets onverwachts. Ik. Plaste. In. Mijn. Broek (Ja. Echt).
Ik kon het nog nét stoppen, maar het kwaad was al geschied. Daar stond ik dan. In een strakke paarse legging. In de spotlight. Met een natte plek op een avond die letterlijk draaide om schaamteloosheid. Ik wilde van het podium af, maar mijn nummer liep nog. Dus deed ik wat ik altijd had gedaan als het spannend werd: ik trok me terug. Ik draaide mijn lichaam weg. Beperkte mijn bewegingen. Werd kleiner. Mijn moment doofde uit als een nachtkaars.
En dat gevoel kende ik maar al te goed. Ik ben in mijn jeugd veel gepest. Genegeerd, buitengesloten, belachelijk gemaakt. Omdat ik anders was. Te eigen, te zichtbaar misschien. Dus zodra ik me kwetsbaar voel, staat dat oude systeem meteen paraat: terugtrekken, verdwijnen, onzichtbaar worden.
Na afloop wilde ik vooral weg. Ik durfde niemand aan te kijken. Ik kon mijn tas met droge kleding niet vinden en moest de rest van de avond rondlopen in een natte, steeds minder charmant geurende broek. Ik voelde me vies. En klein. En dom.
Later die avond spraken we in tweetallen na. Fluisterend vertelde ik mijn gesprekspartner wat er was gebeurd. Met de dringende toevoeging: “Maar je mag dit aan niemand vertellen.” Hij keek me stralend aan en zei: “Maar dit is geweldig.” Ik dacht dat hij gek was geworden. “Hoezo?” vroeg ik vol onbegrip. Hij legde uit: “Je hebt je volledig gegeven. Je hebt je echt overgegeven. Dit is precies waar het over gaat.”
Ik bedankte hem beleefd, maar dacht ondertussen: leuk geprobeerd, vriend, maar dit verhaal blijft netjes in München begraven. Alleen liep het anders.
Toen ik die nacht terugliep naar mijn hotel, voelde ik geen schaamte maar frustratie. Ik had geld en tijd geïnvesteerd om mijzelf te ontwikkelen. Nu kon ik in andere omstandigheden iets anders doen. Maar ik deed precies wat ik al mijn hele leven deed zodra ik me kwetsbaar voelde: ik trok mij terug. Terwijl ik juist daar was om mezelf te doorbreken. Om vrijer te worden. Om te groeien. Mijzelf te overstijgen. En ik vond dat ik gefaald had.
Die nacht ontstond er een besluit.
Ik wilde deze ervaring niet wegstoppen. Ik wilde hem omzetten in iets dat me verder zou brengen. Dus de volgende ochtend, tijdens de plenaire terugblik, besloot ik mijn verhaal te delen. Het moest uit mijn systeem anders zou ik het altijd blijven zien als een gemiste kans. Toen de trainer vroeg wie iets wilde delen, sprong ik op en riep door de zaal: “ME!”
Ik kreeg de microfoon. Mijn plan was om het met humor te brengen. Mensen laten lachen, zelf meelachen, beetje herkaderen. Prima strategie, vond ik zelf. Zelfspot werkte vroeger ook altijd. Alleen begon ik te huilen.
Na een tijdje kon ik vertellen wat er was gebeurd. Hoe ik het podium op was gegaan. Hoe ik me had overgegeven. En dat ik in mijn broek had geplast. Ik hoorde een golf van meelevende kreten door de zaal gaan.
En toen dacht ik: ik heb nu twee keuzes. Of ik vertel het en laat het hierbij en kan mijzelf een schouderklopje geven voor het feit dat ik het bespreekbaar durfde te maken. Of ik own dit verhaal volledig. Dus ik koos voor het tweede.
Ik ging rechtop staan, keek de zaal rond, stompte mijn vuist in de lucht en schreeuwde: “People, I pissed my pants!”
En wat er toen gebeurde, had ik nooit kunnen bedenken. Vierhonderd mensen schoten overeind en gaven me een staande ovatie.
Ze juichten. Klapten. Huilden. Lachten. Staken hun duimen op. Maakten hartjes met hun handen. Voor mij. Niet ondanks mijn schaamte, maar misschien wel juist omdat ik erdoorheen was gegaan.
Mijn hele systeem kende dit niet. Ik kende uitgelachen worden. Ik kende afgewezen worden. Ik kende mezelf terugtrekken als ik me bekeken voelde. Maar dit? Dit was nieuw. Ik voelde warmte en waardering.
In de dagen daarna kwamen er zoveel mensen naar me toe. Om me te bedanken. Om hun eigen verhalen te delen. Over schaamte. Over zichtbaar zijn. Over genante momenten. Over niet durven staan voor wat ze werkelijk wilden. Mensen dichtte mij de grootste woorden toe: een ‘voorbeeld’, een ‘held’ en zelfs een ‘icoon’.
Eén man pakte me bij mijn schouders en vroeg: “Ken jij de film Avatar?”
Ik zei ja. Hij keek me indringend aan en zei: “I see you.” En hup, daar barstte ik weer in huilen uit.
Later hielden twee vrouwen me stil toen ik huilend richting uitgang liep. Ze zeiden bijna niets, maar hielden me gewoon vast. Toen ik hen tussen het gesnotter door bedankte, zei één van hen iets wat ik nooit meer ben vergeten: “Don’t say ‘thank you’. Say ‘thank me’.”
Dat voelde eerst ongemakkelijk. Maar toen ik het uitsprak, gebeurde er iets. Ik kan het niet anders beschrijven dat het voelde alsof mijn hoofd zich opende en ik een downlaod van liefde en rust binnenkreeg. Alsof ik eindelijk zag dat ik hier zelf ook een aandeel in had gehad. Dat ik niet alleen iets had ondergaan, maar ook iets had gedaan. Iets moedigs, iets helends voor mijzelf.
En ergens daar viel voor mij alles op zijn plek. Ik ontdekte dat als we onze kwetsbaarheden met elkaar delen, we elkaar ontmoeten in menselijkheid. En dat we beseffen dat we in zo veel opzichten op elkaar lijken en we elkaar kunnen verzachten, versterken en helen. En dat allemaal door authentiek te zijn, zonder schaamte. Ook leerde ik dat door mijn eigen rol in het hele verhaal te herkennen ik een grootsere versie van mijzelf heb leren kennen (het leek wel mijn hogere zelf). Ik wil met het boek laten weten:
– waar je je ook voor schaamt: je bent niet alleen.
– als jij je hierover durft te praten moedig je anderen ook aan om dichter bij zichzelf te zijn
– we zijn allemaal zo veel krachtiger en grootser dan dat we denken
– je onthoud de wereld het grootste geschenk wat jij hebt te brengen: je unieke jij
Dit is waarom dit boek er moest komen.
Ik weet hoe het is om jezelf in te houden. Tweede viool te spelen. Om je terug te trekken op precies de momenten waarop je het meest gezien zou willen worden. Om jezelf kleiner te maken zodra schaamte opduikt.
En ik weet nu ook dat er ook andere scenario’s zijn: je kunt jezelf laten zien zonder dat je eerst perfect hoeft te zijn. Schaamte is niet het eindstation. Sterker nog: in de stukken die je het liefst wilt verbergen, zit vaak je grootste bevrijding.
‘Stand out & shine. A practical guide to fearless authenticity en self-trust’ gaat over de moed om zichtbaar te worden. Juist als je knieën knikken. Juist als je liever wilt verdwijnen. Juist als je, figuurlijk of letterlijk, in je broek hebt geplast. Just f*cking own it!
Echte vrijheid begint met compassie voor jouw eigen menselijkheid en met de keuze om schaamte niet meer je leven te laten bepalen.
Herken jij dat je jezelf kleiner maakt zodra schaamte opduikt?
Wil je eerst een stukje lezen? Download dan gratis het eerste hoofdstuk van mijn boek.


Geef een reactie